De hoofdpersonen bevinden zich in een therapeutische setting, waar een psychiater – voor ons buiten beeld – een gesprek leidt over, maar ook mét hun stemmen. Wie zijn ze? Waarom zijn ze er? Wat willen ze eigenlijk? Dit is een revolutionaire benadering die voor de patiënten deuren blijkt te openen naar meer inzicht in en acceptatie van wat zich in hun hoofd afspeelt.
Niet dat de stemmen zich zomaar laten kennen, want er staat iets op het
spel. In verschillende sessies komt trauma aan de oppervlakte, dat direct verbonden is met het ontstaan van de stemmen. Toch is het ontrafelen van een verborgen verleden niet waar Mijn woord tegen het mijne de focus legt. De film schetst vooral een fascinerend groepsportret – van de hoofdpersonen én hun stemmen – dat de wondere wereld van de menselijke geest weerspiegelt.
Ga kijken naar deze nieuwe aangrijpende film van Maasja Ooms, bekend van Alicya, Jason en Rotjochies. Tickets hier.
Jim van Os, Hoogleraar Psychiatrie, UMC Utrecht gaf een introductie bij de premiere:
Stel je voor dat je hier binnenkomt als iemand die al maanden – misschien jaren – wordt toegesproken door een vijandige stem. Niet zachtjes. Niet symbolisch. Maar dwingend, op elk moment dat het even stil wordt in je hoofd. Een stem die jou vertelt dat je niets waard bent, dat mensen je uitlachen, dat er gevaar is. Een stem die niet weggaat wanneer jij dat wilt.
En dan raak je ontwricht. Je werk, je relaties, je slapen, dingen brokkelen af. En uiteindelijk zoek je hulp.
Wat gebeurt er dan?
In de huidige ggz is de kans groot dat je meteen in een soort historische spagaat terechtkomt. Aan de ene kant het historische verhaal over Philippe Pinel, de negentiende Franse arts die de boeien van de krankzinnigen afnam, overtuigd dat zorg menselijkheid vraagt. Velen zien dit als het begin van een moderne humane psychiatrie. Aan de andere kant echter is het geluid van de filosoof Michel Foucault, die in de twintigste eeuw zei: pas op, want elke keer dat we psychiatrische patiënten denken te ‘bevrijden’, creëren we alleen maar nieuwe vormen van afstand, controle en beheersing, nieuwe manieren om te bepalen wie ‘normaal’ is en wie niet.
Die tweestrijd is nog steeds voelbaar. Je zit er middenin zodra je vertelt dat je stemmen hoort.
De ervaring van stemmen horen
Wat er bij stemmen horen fenomenologisch gebeurt is eigenlijk heel begrijpelijk: een deel van je innerlijke dialogerende bewustzijn – iets wat we allemaal hebben – raakt afgesplitst, verzelfstandigt, en wordt ervaren alsof het van buiten komt. Vaak omdat het om een geheim gaat dat onverdraaglijk is. En precies dát maakt het zo ontwrichtend.
Maar wat er vervolgens in de psychiatrie kan gebeurwn, is minstens zo ontwrichtend.
Epistemische onrechtvaardigheid
Je krijgt te horen dat het een symptoom is.
Een teken van een hersenziekte.
Een genetisch defect.
En vervolgens krijg je een diagnose die zwaar en permanent klinkt – schizofrenie bijvoorbeeld – terwijl we vandaag de dag geen enkele biologische of genetische marker kennen die dit idee ondersteunt.
Wat we wél weten: iedereen is genetisch gevoelig voor waanzin, maar alleen in de zin dat we allemaal biologisch zijn uitgerust om te reageren met emoties op betekenisvolle gebeurtenissen in onze omgeving. En ja, dat loopt soms uit de hand, dat is menselijk en dat zit in ons allemaal.
Wat betekent dit?
Dit betekent dat het dominante verhaal – “dit is een genetische hersenziekte” – wetenschappelijk niet klopt, maar wél zorgt voor stigma, geïnternaliseerd stigma (het fenomeen dat je jezelf gaat afschrijven), demotivatie en, de ergste van allemaal: demoralisatie - de moed verliezen en niet verder willen.
Want als jou wordt verteld dat jouw ervaring alleen maar ruis is uit een kapot brein, wat blijft er dan over om mee te werken? Hoe kun je dan nog geloven dat betekenis ertoe doet?
Het systeem waar je dan in terechtkomt
Als stemmenhoorder loop je nog steeds kans dat je wordt opgenomen, dat er achter je rug op medicaliserende objectiverende wijze over je wordt gepraat, dat de focus ligt op symptoomreductie met medicatie, dat niemand vraagt: wat zeggen de stemmen nou precies?
Er is niet zelden weinig ruimte voor samenwerking, weinig ruimte voor betekenis, weinig ruimte voor dialoog.
De machtsverhouding is helder: de expert weet het, jij niet.
Maar er is ook een ander verhaal
En dat begon bij iemand die het aandurfde om naar een stem te luisteren: Marius Romme.
In de jaren 70 van de vorige eeuw leerde elke student: nooit vragen naar stemmen, want dan maak je psychose erger.
Totdat Marius Romme een patiënte ontmoette – Patsy – die vroeg:
“Waarom nemen jullie de stem van God wél serieus, maar die van mij niet?”
Dat moment was een revolutie.
Romme deed een oproep bij het TV-programma Sonja Barend; binnen no-time meldden zich meer dan honderd mensen die stemmen hoorden.
En zo ontstond de Hearing Voices Movement.
Romme ontwikkelde het Maastricht Interview, een manier om stemmen serieus te nemen als deel van iemands levensverhaal, identiteit en betekeniswereld.
Dat fundament heeft alles veranderd.
Want Romme liet zien dat stemmen horen niet per definitie pathologisch is, maar een menselijk fenomeen.
En daarop bouwt Dirk – in deze film van Maasja Ooms – voort
Dirk Corstens is nu, samen met Marius Romme, meer dan dertig jaar bezig met deze benadering. Hij gaat nóg een stap verder:
hij nodigt de stem zélf uit om te spreken.
Alsof je aan tafel zit met iemand die je jarenlang gekweld heeft – maar nu onder begeleiding, in veiligheid, met nieuwsgierigheid.
En ineens blijkt dat stemmen logica hebben.
Relaties.
Geschiedenis.
Taak.
Functie.
En soms zelfs een vorm van bescherming, hoe onaangenaam of destructief de buitenkant ook is.
Dat is voice dialogue.
En dat is wat je in deze film gaat zien gebeuren: een systeem waarin de persoon, de stem en de hulpverlener samen aan tafel zitten – en waar echte transformatie kan plaatsvinden.
Waarom dit alles zo’n enorme oproep doet aan de psychiatrie
Omdat dit laat zien hoe dringend een paradigmashift nog steeds nodig is.
Omdat het onhoudbaar is om mensen te blijven medicaliseren zonder betekenis.
Omdat de logica van het huidige systeem leidt tot diagnose, medicatie en uitsluiting – terwijl mensen juist herstel, eigen regie, compassie en dialogische ruimte nodig hebben.
En omdat we inmiddels weten dat:
- een persoonlijke diagnose meer oplevert dan een DSM-label;
- zelfregie en peer support altijd de basis moeten vormen - naast symptoombestrijding;
- relationeel werken de kern is van herstel;
- ervaringskennis misschien wel de belangrijkste vorm van kennis is die we hebben;
Slot
Dus als je vandaag naar deze film kijkt, kijk dan niet alleen naar een therapeutische ‘techniek’.
Kijk naar een maatschappelijk keerpunt.
Kijk naar het moment waarop de psychiatrie eindelijk luistert naar wat mensen al dertig jaar zeggen: dat stemmen betekenis hebben, dat mensen geen defect brein zijn, en dat echte hulp begint bij luisteren, niet bij labelen.
Dat is waar deze film over gaat.